vrijdag 12 februari 2021

Wat eten we vandaag?

Lieve vrienden, 

 

Wat eten we vandaag, vroeg mijn man gisteren. 

 

Macaroni!

 

Gisteren wilde ik macaroni met veel verse groenten maken. 

Maar ik was vergeten de groenten op het boodschappenlijstje te zetten. 

Daar kwam ik overigens pas achter toen ik het klaar wilde maken. 

 

Tsja en dan staat er gelukkig nog een grote portie in de vriezer. 

Bij sommige mensen zit op alles in de vriezer een keurig etiket. 

 Bij ons niet. Dus in bevroren toestand, kun je niet goed zien wat er in het bakje zit. 

 

Het bakje stond al even op het aanrecht, toen ik zag, dat de inhoud tamelijk groen kleurde. 

Ik had het toch niet met pesto gemaakt?

Toen ik het deksel losgemaakt had, zag ik uitgebakken spekjes. 

 

Gelukkig heb ik altijd enkele rookworstjes op voorraad, want we gingen helemaal geen macaroni eten. 

 Nee hoor, boerenkool met worst en een sucadelapje. 

Want die heb ik ook altijd vacuüm in de ijskast liggen. 

 En bij de wit besneeuwde straat en de ijzige temperatuur, zou het best smaken. 

 

Dat deed het ook. Heerlijk!

 En vanavond? 

Witlof met ham en kaas.

 

Want vandaag balansen we de boerenkool. 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig, 

 

Rietje

 

 

donderdag 11 februari 2021

Wasgoed op de bleek

Lieve vrienden, 

 

Gisteren zag ik een berichtje op Facebook van iemand die haar schapenvachtjes op het besneeuwde grasveld had gelegd. “En nu het wasgoed”, stond erbij. 

 

Meteen gingen mijn gedachten terug naar mijn oom en tante, die op een boerderij woonden. Ook daar lag in de zomer het wasgoed op de bleek. 

De bleek. Zo noemde die tante het grasveld tussen de boerderij en de openbare weg. 

 

Eerst was de was gedaan in de “deel”. Het werkgedeelte tussen de boerderij en de stal, waar de koeien stonden. Als ze niet in de wei stonden natuurlijk. 

Want ieder jaar werden de koeien naar een weiland gebracht door mijn oom en zijn zoon. 

 

En dan in het najaar weer terug. 

Een koe, die moest kalven bleef op stal en de kalfjes stonden in een afgescheiden stuk, achter de stal. Ik mocht daar altijd warme biest komen drinken. 

 

Een paar honderd laRIEkoekjes terug, vertelde ik dat ze daar lariekoekjes van maken hè. Vond ik het lekker? 

Ik weet het niet meer zo goed. 

 

Wat ik me het best herinner, zijn de bolle flesjes Joy bij tante en de plee. 

Een gat in de gronde en daarbovenop een betonblok met een gat erin en een houten deksel erop. Vreselijk vond ik dat! 

 

Maar het leukst vond ik de leesmap. 

Daar zat het blad “De Lach” in. 

Dat blad werd er altijd uitgehaald, voordat ik de andere boekjes mocht kijken. 

Even stiekem weggemoffeld. 

 

Soms vergaten ze het eruit te halen. Wat was er nou gek aan vrouwen in badpak of bustehouder. Ik snapte dat niet, maar hield wijselijk mijn mond. Want anders zou mijn vader tegen mijn tante roepen: “Er zitten hangoren bij!”

 

Zelf heb ik ooit weleens iets op het gras gelegd om te bleken in het zonnetje. 

Maar het werd nooit zo wit als de directoires van mijn tante. 

Het komt vast, doordat ik geen opgeklopte zeep in de zinken wasketel op het fornuis gebruikte. 

 

Ik niet, zij wel. 

Ach de was op de bleek. 

Dat waren nog eens tijden!

 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig,

 

Rietje

 

woensdag 10 februari 2021

Pekeltram

Lieve vrienden, 

 

Toen ik nog in Amsterdam woonde, werd daar in de strenge winter van 1963 de pekeltram ingezet.

 

Daar dacht ik aan, toen ik deze week de beelden van het handmatig schoonmaken van de wissels door ProRail op tv zag. 

 

De Sv1. Een tram met een sneeuwschuiver voorop en borstels, die de rails schoonveegden. Daar reed een wagen met pekelwater achter. De P15. Dat was een oude motorwagen, waar ze het binnenwerk uitsloopten en een tank inbouwden voor het pekelwater. 

Steeds werd de oudste tram daarvoor gebruikt, want het zout vrat wel de onderkant van de tram weg. 

 

In 1963 was de pekeltram 58 jaar oud. 

 

Het werkte fantastisch. 

 

De bijrijder moest ondanks de barre kou op het achterbalkon van de tram blijven staan, om te kijken of alles volgens plan verliep. 

Het moest natuurlijk wel nodig zijn om dat soort materieel in te zetten. 

Maar ze hadden het en het werkte. 

 

Later kwamen er karretjes met sneeuwblazers. Maar die bliezen ook allerlei andere dingen weg en maakten meer rotzooi, dan dat ze de boel schoonmaakten. 

 

Vroeger was echt niet alles beter. Maar die treinen die ze in Alpenlanden laten rijden tijdens de wintermaanden zijn zo gek nog niet. Ze lijken in ieder geval veel op de pekeltram die vroeger door Amsterdam reed. 

 

Er is toch wel iemand die zo een apparaat kan namaken? 

 

Lijkt mij in ieder geval een goed idee. 

Vroeger was niet alles beter, maar juist omdat men niet rijk was, was men vindingrijk. 

 

Denken mensen vandaag de dag te moeilijk? 

Geen idee. Misschien is er iemand bij ProRail, die dit leest. 

 Een pekeltrein. Goed idee toch? En al in 1905 door iemand verzonnen. 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig, 

 

Rietje

dinsdag 9 februari 2021

Elfstedenvirus

Lieve vrienden, 

 

“UT GIET OAN”

 

Gezeur en gehannes over de Elfstedentocht. 

 

Ik zei het al eerder, het kan toch niet? 

Even massaal de middelvinger opsteken naar de mensen in de zorg. 

Zo jammer. 

 

En omdat de verkiezingen eraan komen, 

Begint het kabinet langzaam te neigen naar een ja. 

Dat wordt dan net zoiets als de Prime Minister van het VK, die zei: 

Met Kerstmis mogen de mensen elkaar drie dagen opzoeken. 

En ja hoor, daar was de Britse variant van het virus. 

Doodzieke mensen uren in de ambulance wachten voor de deur van de SEH. 

 

Ik haat trouwens die Elfstedentocht. 

Leuk om met de auto te rijden, maar ook dán een rot end. 

 

Die arme mensen, die dan net een paar seconden te laat binnenkomen. 

Wat tragisch....

Gesloopt en geschonden. 

Maar ja, ze wilden zo graag hè, dus eigen schuld, dikke bult. 

 

En de Vierdaagse gaat nu ook al niet door. 

Gaat iedereen het Pieter pad lopen. 

Geen kamer te krijgen!!! Of voor een vermogen. 

Dus mochten jullie plannen hebben? 

Niet doen! 

Het is de Kalverstraat van het Oosten. 

 

Ga gewoon wadlopen. Ook zwaar en verschrikkelijk spannend. 

Komt het water wel, komt het water niet. 

En dan moet het ook nog voordat het donker wordt. 

Verzet de zinnen als je dat wil. 

 

Ik denk dat ik in training ga voor een tochtje naar de hoek van de straat. 

Misschien dat ik dan voor donker binnen ben en verzekerd van een lekker bed. 

Hetzij aan de ene kant van de straat, dan wel aan de andere kant. 

Tenzij het aan de andere kant uitpuilt van patiënten met het, tijdens de Elfstedentocht opgelopen virus 

Dan moet ik terug en krijg ik vast het “Eén Straten Kruisje”. 

 

UT GIET OAN! 

Echt niet!!!!!

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig, 

Rietje

maandag 8 februari 2021

Brandweerrood autootje

Lieve vrienden, 

 

Vroeger had je kuilen, geen drempels. Ik schreef het al eerder deze week. 

 

Mijn moeder was de eerste in ons gezin, die haar rijbewijs haalde. 

Als jong meisje reed ze al in een autootje van haar vader. 

Maar toen gewoon zonder rijbewijs. 

Daarna volgde mijn vader en toen mijn zus. 

 

Toen ik zeventien was, mocht ik van mijn zwager leren rijden in een grote auto met stuurversnelling. 

Toen ik achttien was, had ik rijles in een oude politiekever. 

Voormalig agenten waren een rijschool begonnen met oude bedrijfsauto’s, die zij gekocht en overgespoten hadden. 

Vlak na mijn verjaardag, haalde ik mijn rijbewijs en kocht ik mijn eerste autootje. 

 

Er waren kuilen!!! 

De wegen waren slecht en als het hard waaide, moest ik het grote stuur, stevig vasthouden. 

De motor zat achterin en voor de “wegligging”, legden wij twee stoeptegels onder de voorklep. (Motorkap zonder motor)

In de wintermaanden ook een schep. 

Van mijn moeder kreeg ieder, die zijn of haar rijbewijs haalde, een lederen portefeuille voor het rijbewijs en een geruite plaid. 

Hoezo een plaid zullen jullie denken. 

Nou, als je langs de kant van de weg stond met pech, dan kon je het weleens koud krijgen. 

Dan sloeg je een plaid om je heen en kon je jezelf warm houden. 

Ik spreek uit ervaring, want dat gebeurde nogal eens. 

Pech onderweg. En geen mobiele telefoon. 

 

Hadden we toe al praatpalen? 

Ik weet het niet meer. Ik weet wel dat ik eens via de praatpaal probeerde uit te leggen aan de ANWB-telefoniste waar ik stond. 

“Dat zie ik” schreeuwde zij, vanuit de speaker in de paal. Ik snapte niets van die techniek.........

 

Mijn oude autootje was een Italiaantje en niet gewend aan regen, sneeuw en pekel, roestte hij onder je kont vandaan. 

Er lagen rubbermatten op de vloer, die je erbij bietste, als je de auto kocht. 

Geen idee dat je die zelf betaalde....

Er zat een kachel in, die aan en uit kon. Een choke en een blower. 

Verder niets, nada, niente. Oh ja, tochtraampjes. 

Als het regende, had je de blower aan en wiste je de voorruit aan de binnenkant af en toe droog. Want de voorruit besloeg vanbinnen en dan kon je niks zien. 

Al dat vocht, moest ergens blijven en het bleef in mijn autootje onder de rubberen matten. Tilde je zo een mat op, dan lag er een plas roestwater onder. 

Om dit kwijt te raken, boorden we een gat in de vloer. 

Wat een tijd!!!! Wat een avonturen met mijn brandweerautootje.

Hij was rood. Was, want de knalrode lak werd in de loop der jaren mat frambozenrood. 

 

Daarna ben ik Engels gaan rijden in een soort Dinkey Toy. 

Die was zo mini, dat andere automobilisten mij niet zagen. Of te laat...

Een vrachtwagenchauffeur stapte een keer uit, toen hij achteruitrijdend mijn autootje een kwart meter korter had gemaakt. 

“Verrek”, sprak hij, “ik dacht dat er een steen achter mijn wiel lag.” 

Ik zat van de schrik verlamd achter het stuur. Pffffff, hij had me niet gezien. 

 

Na twee total-losses, wilde ik niet meer zo klein. 

Nu rijd ik al jaren Duits. 

Tamelijk groot en voorzien van alle comfort. 

Dus de drempels van tegenwoordig kan hij hebben. 

 

En een plaid????? 

Die ligt nog altijd in de achterbak. 

 

En met de sneeuw komt daar ook nog een schep bij. 

 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig, 

 

Rietje

 

 

zondag 7 februari 2021

Laat de sneeuw maar komen

Lieve vrienden, 

 

Het is koud en er ligt al een pak sneeuw. Dat werd voorspeld. 

Zoals een bejaarde bij zo een bericht doet, heb ik een lijstje gemaakt en heeft onze zoon, die al twee vaccinaties gekregen heeft, boodschappen gehaald bij de grootgrutter. 

Al enkele dagen geleden, toen het nog rustig was. 

 

Wij kunnen zeker een week vooruit met eten en als het moet nog langer. 

Regeren is vooruitzien! 

Dan lees ik afgelopen zaterdag berichten dat het een gekkenhuis is in de super. 

Dan denk ik bij mezelf: “Je wist het toch?” 

Dat gebeurt nou eenmaal in deze gekke wereld. 

Mensen kunnen niet vooruitplannen. 

Het hoofd loopt over van andere belangrijke zaken. 

 

Waar haal ik schaatsen? 

Waar koop ik een slee? 

Heb ik een sneeuwschuiver nodig? (Dit denken ze niet en daar komen ze te laat achter)

Ik lees dat er in Amsterdam niet gevaren mag worden en de sluizen daar gesloten blijven. 

Zodat er geschaatst kan worden op de grachten. 

Stel dat dat gaat gebeuren en duizenden mensen zich daar op het ijs willen begeven….

Dan heb je de poppen aan het dansen met de pandemie. 

 

Stel, er komt een Elfstedentocht.... Dat kan niet!!! Onmogelijk!!! 

Want iedereen wil erbij zijn. 

Zoals die keer dat deze tocht gezwommen werd. 

Maar als al die mensen naar Friesland gaan om te schaatsen????

Een startbewijs hebben ze niet nodig. Daar doen ze niet aan. Zij niet! 

 

Wat ben ik blij, dat ik me over dat soort dingen niet druk hoef te maken. 

Ik ben 35 jaar geleden al gestopt met schaatsen. 

Mijn schaatsen heb ik nog steeds en nee, ze zijn niet te koop. 

 

Maar ik ben blij dat ik van mijn moeder geleerd heb om altijd te zorgen dat er genoeg in huis is, als er iets vreemds staat te gebeuren, zodat ik lekker thuis in de warmte kan blijven. 

Met de sneeuwschuiver binnen en niet in de schuur en de winterbestendige auto met volle tank en volle accu in de garage. 

Ja ik weet het, die garage heeft niet iedereen. 

Maar wij wel. Dus laat de sneeuw maar komen. 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond en veilig, 

 

Rietje 

 

zaterdag 6 februari 2021

Gezond eten

Lieve vrienden, 

 

De koekjes waren op. 

 

Omdat er koffievisite kan komen, zou mijn man mini gevulde koekjes meenemen van de bakker. Die waren altijd op woensdag in de aanbieding. Lekker versgebakken beten ze je de strot af, als ze in de boodschappentas zaten. 

 

“Nee, meneer, die maken wij niet meer, want ze worden niet meer gekocht”. 

Je gelooft het niet. 

De kleine geneugten van het leven, worden niet meer gekocht. 

“Tsja, te vet, te veel suiker…”

Dus dan gewoon niets bij de koffie. 

 

“Dan is er lekkere trek genoeg om een wrap op te eten”. 

Een wat? “Ja, een wrap, een hele, dat mag!”

“Met avocado en mais en sla ertussen. 

En dan een magere yoghurt dip met geraspte komkommer erbij”. 

 

“Maar dat is toch geen warm eten?” “Nee, maar dat hoeft ook niet”. 

“Dus tot die tijd niets. Geen broodje, geen koekje...?”

“Misschien een bakje sla met wat tonijn erdoor. 

Ja, die uit blik”. 

 

Vroeger noemden wij dat Whiskas. 

Geen vreten. Proef en ruik maar eens goed en denk er sla bij. 

Door alle sla, die ik met lijnen gegeten heb, krijg ik kramp in de speekselklieren 

als ik een hap sla neem. 

Verschrikkelijk!!!!

“Oh ja, moeder lust geen sla”. 

 

“Nee, ik lust geen sla. 

En ook geen kwark. En ook geen Hüttenkäse”. 

 

Vorige week was ik weer eens bij de diëtiste. 

“U eet te weinig mevrouw!!

Ik zal u een paar lekkere menu’s doen toekomen. 

Tomaten gevuld met Hüttenkäse en tonijn. 

 

Lust u dat niet? 

 

U eet niet gezond hoor. 

Groenten en vis? Ja, maar u moet meer eiwitten eten. 

Oh ik weet nog iets heerlijks. 

Een omelet met groenten en hamblokjes”. 

 

“U bedoelt een boerenomelet?” 

“Oh, heet dat zo?”

“Ja, dat maakte mijn moeder al. En ik ook af en toe. 

Of ik het niet lust? Ja hoor, ik lust alles. 

Behalve sla, kwark en Hüttenkäse”. 

 

Maar bij de koffie heb ik graag iets lekkers, als er bezoek komt. 

“Ja, dat is dus iedere dag koek of taart. 

“Nee, want ik krijg niet iedere dag bezoek”. 

 

“Oh, u bent eenzaam???”

“Mens ga koken en eten!!!

Ik ben niet eenzaam en wil geen Hüttenkäse. 

Ook geen wrap. 

 

Zo lekker??? 

 

Ja, daarom heb jij maat 36 en ik niet. 

Ik hoorde het wel hoor, dat jij dat dacht. 

Want een goed verstaander heeft niet eens een half woord nodig. 

Dus spaar me jouw gedachten”. 

 

“Ik zie u over een maand weer terug”. 

 

Nou, dat weet ik nog zo net niet….

Hüttenkäse!!!!!

Dat heeft iemand al voorgekauwd. 

 

Met hoopvolle groet en blijf slank en dus gezond. 

 

Rietje