zaterdag 19 september 2020
2e golf?
vrijdag 18 september 2020
Wilde weide kaas
Lieve vrienden,
Gisteren was ik bij een bekende kaaswinkel hier in de omgeving.
Om iets lekkers te scoren voor de weekend borrelplank.
Nou, dat lukt daar wel. Tasje vol, portemonnee leeg.
De eigenaresse schrijft columns over kaas in mooie bladen. Vriendelijke vrouw met rode blossen op de wangen. Zij maken zelf een tappenade van vijgen, walnoten, honing en sinaasappel. Werkelijk goddelijk.
Terwijl de mannen van mijn roedel over hun nek gaan van kaas, lust ik er wel pap van, hoewel ik er geen kaas van gegeten heb.
Samen met het schoonkind kan ik een kaasplateau wel aan.
En om de uitleg vraag ik altijd in de winkel. Heerlijk, dat gelul op niks af.
Zo een kletsverhaal als bij wijnen, kun je ook bij kaas verwachten.
Net als met wijn, zijn er maar twee soorten voor mij. Lekkere kaas en niet lekkere kaas.
Dus ik kies altijd een dubbel romige kaas, een notige bergkaas en een pikante boerenkaas. Een soort vrouw zoekt boer(enkaas).
Bij de kaasjuwelier hebben ze altijd “weesjes”.
Dat zijn kleine overgebleven stukjes, die voor weinig weg mogen.
Dus ja, “mijn” denk ik dan.
En er was een stukje “Wilde weide” extra belegen bij.
Dat is toch een verrukkelijk kaasje. De kaas wordt geproduceerd in een boerderijtje op een eiland in de Kagerplassen (Zuid-Holland).
De melk is afkomstig van Montbéliarde koeien en de kaas is strogeel van kleur, met mooi gevormde ogen en wat zoutkristallen erop. Hij heeft een romig milde smaak met een toon van hazelnoten. Pffff
De koeien staan tot eind oktober buiten en het gras op het eiland staat vol met bloemen en kruiden. En dat eten die prachtige roodbonte dames.
Van hun melk wordt die heerlijke harde ongepasteuriseerde kaas gemaakt. Het hele jaar door.
Door de jaargetijden heen, verschilt de smaak.
Deze kaas wordt hoofdzakelijk geproduceerd voor de kaasjuwelier in de buurt.
En van deze “Wilde weide kaas, ligt in mijn ijskast thuis, nu een “weesje”.
Speciaal voor mij. Mooi verhaal hè?
Nog mooier dan het verhaal over de wijngaard, waar de zwoele zeewind een ziltig vleugje achtergelaten heeft op de kruidige druiven, met notige afdronk. Op eikenhout gerijpt en in de laagstaande najaarszon gebotteld.
Gedronken uit een prachtig kristallen glas, bij kaarslicht en een knetterend haardvuur, met daarbij een stukje “Wilde weide” kaas. Vergezeld van een tappenade van vijgen.
En ja, ik ben nog steeds aan het lijnen. Maar van erover schrijven word ik niet dik.
Met hartelijke groet,
Rietje
donderdag 17 september 2020
Alternatieve Prinsjesdag
Lieve vrienden,
Dinsdag was het Prinsjesdag en het was zo anders. Alles was anders!
Bloedheet, geen gouden koets, geen Binnenhof, geen paarden, geen balkonscene, geen mensenmassa, geen nieuwe jurk...
Kortom, geen pracht en praal.
Onze koningin was voor deze gelegenheid eens in de “Zak van Max”gedoken.
Amalia had bij de drogist een potje okergele textielverf gehaald en de citroengele japon, was in de badkuip met okerwater van kleur veranderd.
Hij heeft dagenlang te drogen gehangen in de achtertuin van Huis ten Bosch.
Nou had onze Queen er nog wel een leuk schoentje en een gouden tasje bij, dus dat zat wel snor.
Ze heeft smaak onze nationale knuffel Latina. En ze is natuurlijk altijd prachtig.
Haar uitstraling maakt van onze koning ook een mooie man. Gelukkig hebben z’n dochters hem aan de baard gekregen en nu alleen nog een gelletje in het haar, dan is het best een modieus type.
De andere dames, die in de Grote Kerk aanwezig waren hadden hun best gedaan, zak maar zeggen.
De meisjes van eenzelfde politieke partij, hadden een rode, een witte en een blauwe outfit aan.
Hoe verzin je het????
Nou zij doen dat. Creatief denken, noem je dat.
Maar ik zat te kijken en ik zag de vrouwelijke minister in de middelste kleur van onze driekleur en kon een lachkriebel niet onderdrukken.
Het was ruim boven de dertig graden en zij droeg onder het witte pak, laarzen tot over de knie.
Terwijl een andere minister nog net voor sluitingstijd een chique warenhuis ingerend was om schoentjes te scoren, droeg de lady in white een soort van lieslaarzen.
Tsja, je moet wat hè.
Haar vrouw had gezegd:
Lieverd, je kunt het geld maar één keer uitgeven. Je bent de koningin niet.
En daar zat ze dan, mevrouw de minister.... het zweet liep in haar laarzen.
Ik ben blij dat ik niet in haar schoenen stond.
Één voordeel. Ze gleden bij thuiskomst wel makkelijk uit en je kunt er toch gezellige spelletjes mee doen.
Malle meid!!
Volgend jaar iets luchtigs.
Met hartelijke groet,
Rietje
woensdag 16 september 2020
Lievevrouwenbedstro
Lieve vrienden,
Terwijl ik in de tuinstoel heerlijk van de nazomer zit te genieten, voel ik mij volkomen ontspannen. Heerlijke geuren van bloemen en planten, op weg naar de herfst, prikkelen mijn neus. Bijna bedwelmd herken ik de geur van Lievevrouwebedstro.
Een heerlijke zoete geur, die als één van de eerste geuren in mijn geheugen gegrift is.
Op een zomerse dag ging ik met school naar de kruidentuin van het Amsterdamsche Bos, het Boschplan.
Ons werd verteld over kruiden en de geuren ervan. Van Lievevrouwebedstro kun je theezetten. Het bevordert de slaap, spijsvertering en heeft een ontkrampende werking.
Van de gids in de kruidentuin mocht ik een takje meenemen.
Voorzichtig stopte ik het in een papiertje en nam het mee naar huis.
Eenmaal thuisgekomen liet ik mijn moeder aan het takje ruiken. Ook zij vond de geur heerlijk.
In die tijd, had ik een Herbarium. Ik had een droogpersje voor mijn plantjes en een mooi boekje, waar ik de gedroogde plantjes, blaadjes en bloemetjes in plakte. Ik schreef de datum en de vindplaats erbij. Het boekje was voorzien van een slotje en het sleuteltje lag op een geheim plekje.
Telkens als ik het boekje openmaakte, kwam de geur van mijn geliefde plantje mij tegemoet zweven. Heerlijk vind ik het nog steeds.
Daarom groeit het plantje in mijn tuin. Waar het bij anderen weelderig groeit, is het bij mij een ieniemienie plantje.
Maar ik ruik het vandaag. Om het hoekje weet ik het bloeiende plantje te staan. Het bloeit daar voor mijn plezier.
Om mij terug te brengen in de tijd en als ik me kwaad maak loop ik naar de zolder, doe een lade open en pak mijn herbarium van weleer.
Het takje zit er nog in, vastgemaakt met een klein strookje papier.
En als ik goed snuif, ruik ik het nog.
De zoete geur van Lievevrouwenbedstro brengt mij een zoete herinnering aan een tijd die in mijn gedachten zoet was, maar ongetwijfeld z’n bittere dingen had.
Of zoals een lieve vriendin zei: bitter/zoete herinneringen.
Met geurige groet,
Rietje
dinsdag 15 september 2020
Leuvenum en Uddel
Lieve vrienden,
Vorig jaar was ik samen met manlief enkele dagen in Leuvenum.
In een wonderschoon hotel op de Veluwe.
Het hotel ligt verscholen in het bos. De naam is het Roode Koper, gebouwd in 1912 als buitenverblijf van de gouverneur-generaal van Nederlands-Indië.
Met mijn ouders en familie, ging ik daar als kind theedrinken op zondagmiddag.
In de zomer gingen we er op een zonnige dag ook vaak heen. Een chique toestand, herinner ik mij. Met grote houten fauteuils met dikke kussens, op het grasveld in de schaduw van de bomen.
Thee met cake... heerlijk.
Ik was in die tijd dikwijls opstandig en baldadig.
In een klierige bui, kondigde ik in plat Amsterdams, mijn toiletbezoek luidkeels aan.
De andere dames en heren op het terras waren duidelijk geshockeerd, door mijn taalgebruik. Ik vond het wel leuk. Mijn ouders niet.
We vertrokken terwijl zij het schaamrood op de kaken hadden.
Dit verhaal vertelden zij dan wel weer in geuren en kleuren op feesten en partijen. Ik wist wel dat ik iets verkeerds gedaan had, maar hoe naar dat was, zag ik pas vorig jaar, toen we daar meerdere nachten verbleven.
Niet dat er geen schreeuwende kinderen waren, integendeel.
Maar mijn geest was toch volwassen geworden.
Omdat we langer bleven dan gewoonlijk, verkenden wij de buurt met de auto.
Op de laatste dag, reden we door Uddel.
Een plaats, gelegen tegen Leuvenum aan.
Een keurig dorp, met fraaie huizen. De omgeving is ook al zo prachtig.
Tot mijn verbazing zag ik jonge dames fietsen met donkerblauwe plooirokken, grijs pullovertje, zwarte kousen en keurige schoenen. Plotseling waanden we ons in een andere wereld.
We zochten naar Mennorode, een oord waar kennisjes van mij een cursus volgden. Daarvoor reden we een landweg af en het werd steeds landelijker.
Aan het begin van de weg waren jochies aan het stoepranden met een bal. Modern geklede jochies.
Hoe verder we kwamen, hoe keuriger het werd. Een mooie plek, maar voor ons veel te keurig. Wij waren in een andere wereld terecht gekomen.
Een wereld die niet de onze was.
Terug in het dorp gingen wij een antiekzaak binnen. Achter een gordijn vandaan, stond een dame met een poetsdoek in de hand. Keurig.
Een lange wijde rok, zwarte kousen, zwart jasje en haar lange grijze haar in een losse knot gestoken. Haar eerste ziekenfondsbrilletje deed nog dagelijks dienst.
Zij hielp ons keurig en verpakte een zilveren suikerstrooier en een waterkan met zilveren rand in een krant. Tsja, het mocht wat kosten...
Mijn aanwinsten zouden niet misstaan op mijn mooi gedekte kersttafel.
Ze kregen een plekje in huis en tijdens het Kerstdiner kwam de kan op tafel te staan.
Tot hilariteit van de gasten, kwam er bij iedere schenkpoging, een plons water naast de glazen terecht. Ach ja, Uddels water. Uit een keurige kan, met een keurige plons.
Ik hoop er nog lang van te genieten en mijn gedachten terug te laten gaan naar het mooie dorp op de Veluwe. Uddel....grenzend aan het Leuvenumse bos, waarin verborgen voor de buitenwereld een prachtig hotel ligt, waar wij vast nog wel eens teruggaan.
Met hartelijke groet,
Rietje
maandag 14 september 2020
Buitenspelen
Lieve vrienden,
Buitenspelen.
Wie heeft het vroeger niet gedaan.
Touwtjespringen met een heel lang, dik touw, aan beide kanten een slingeraar en de jongens en meiden in een lange rij erin en aan de andere kant er weer uit. Dubbelen, met z’n tweeën tegelijk.
Knikkeren en dan niet je mooiste op willen gooien. Ware kunststukjes, die knikkers. Maar de looie detten vond ik mooier. Nog mooier waren de kalkedotten. Gemaakt van gips met een pasteltintje. Dikwijls helemaal afgesleten.
In de knikkertijd had je bijna eelt op je wijsvinger staan van het schuiven over de tegels. Tegen de muur van een huis was de pot gemaakt door met een stokje het zand weg te schrapen.
Tollen was mijn ding niet. Elastieken wel.
Bok bok berrie. Ach wat een tijd.
Haasje over. Ik kon dat niet.
Kaatsballen, tegen de muur. Kaatsebal ik vang je al, van de ene hand in de andere hand….
Verstoppertje, Diefje met verlos.
Wat hebben we veel buiten gespeeld en wat hadden we een plezier.
In de winter een lange glijbaan maken op de stoep en dan om de beurt glijden. Zullen, noemden we dat. En dan thuiskomen en met je koude handjes bij de kachel staan, totdat je vingers tintelden.
Dan maakte m’n moeder een beker chocola met Droste cacao en een schep suiker, tot een papje geroerd met een scheutje koude melk en daar dan hete melk op. En dan die goddelijke vel apart opeten.
Wat een machtige tijd.
De tijd van een stuk Sunlight zeep in een zeepklopper, de kolenkit en de asla.
De tijd van een schoepen wasmachine en een wringer. De tijd van mattenkloppen en de voddenboer.
De tijd van Uitjes in de wijnazijn, komkommer een centje maar....
Van hazen en konijnenvellen, Berliner bol, bol, bol...
De tijd van een citroentje met suiker en de neven, die het duet uit de Parelvissers zongen.
De tijd waarin geluk nog heel gewoon was en ik als klein meisje geen weet had van wat er in ons gezin speelde.
Een tijd, waarin ik bij mijn vader op de rand van de tafel een beschuitje met boter en suiker at, terwijl vader de krant las.
Wat zou ik graag nog eens met de blik van nu in de tijd van toen kijken.
Want al denk ik dat het fijn was, het was vast minder fijn dan ik denk.
Het was nog niet zo lang na de oorlog en wat hadden we nou helemaal. Maar toch…het leven was mooi.
....Tien......wie niet weg is, is gezien!
Binnenkomen, eten!!!!!!
Met hartelijke groet,
Rietje
zondag 13 september 2020
Stuckjes vleesch
Lieve vrienden,
Soms heb ik een discussie over vegetarisch eten.
Je hoort en ziet het steeds meer in je omgeving.
Manlief en ik eten ook maar één keer in de week vlees, maar als ergens vlees, vis of gevogelte inzit, vinden wij dat helemaal niet erg. Dan smaakt het prima (of niet) maar dan denken we niet dat daar een dier voor gedood is.
Regelmatig maak ik een vegetarische variant op een gerecht, om het bij mij op tafel te zetten. Dat betekent dan, iets met ei of kaas. Veganistisch begin ik niet aan.
Iets met ei, kaas, noten of peulvruchten is prima.
Maar tegenwoordig zie ik dat allerlei vormen van vlees ook in een vegetarische variant te koop zijn.
Kipstuckjes, een vegaburger, vegetarische knakworstjes, uitgebakken speckjes en noem maar op. Hoezo met ck geschreven?
Ook nog eens van de vegetarische slager.
Wat zou deze slager slachten? Denk ik dan.
Ik begrijp dit niet zo goed. Echt niet.
Wanneer iemand vegetariër wordt, begrijp ik dat. Vanwege het slachten van dieren? Ik begrijp het. Persoonlijk maak ik nog geen mug dood. Echt niet.
Geen vlees eten vanwege gezondheidsproblemen? Ik begrijp het. Want vlees is nou eenmaal moeilijker te verteren.
Daarnet las ik in het aanbiedingen boekje van de grootgrutter, dat er vegetarische balletjes in de bonus zijn.
Zijn dat corps balletjes, die geen vlees eten en zichzelf aan de man/vrouw willen brengen?
Wat zit erin? Wat zijn het voor balletjes. Zweedse balletjes? Ik heb geen idee.
En waarom? Dan krijg ik als antwoord: omdat je dan niet iets anders hoeft te eten dan de rest van de familie.
Betekent dat dan dat iedereen kipstuckjes moet eten? Echt niet. Voor een vegetariër laat ik het vlees weg en rooster noten voor erbij of doe er een hardgekookt eitje bij. Of lekker gebakken champignons. Want waarom iets serveren dat er hetzelfde uitziet als vlees, terwijl het geen vlees is? Moet ik de champignons malen en er gehaktballetjes van draaien? Ik dacht het niet.
Maar het gekste dat ik zag waren vegetarische kroketten met draadjesvleesch.
Van Mora.
Waarom???? Er zijn ook kaaskroketten of bospaddenstoel kroketten.
Wees eerlijk en laat de naam vlees weg. Het is geen vlees dus noem het dan ook niet zo. Vleesch.
Terwijl de vegetarische frituurproducten het schap uitpuilen, kan ik verlangen naar een garnalenkroket. Met gefrituurde peterselie en citroenmayonaise.
Heerlijk vind ik dat.
Ik ken heel veel mensen, die dat ook heerlijk vinden. Maar te koop????
Niet bij de grootgrutter.
Ik ga zelf maar eens aan de klus. En als ik het goed begrepen heb, is het familierecept onderweg.
Lijkt me heerlijk. Hoeft geen broodje bij. Alleen met peterselie en stipje citroenmayo. Van D&L. De lekkerste.
Met watertandende groet,
Rietje.