woensdag 7 oktober 2020

Winkelen in Herinneringen

Lieve vrienden,

 

Vroeger ging ik met mijn moeder vaak winkelen in de Kalverstraat en in de Bijenkorf. 

 

Daar waren toen nog prachtige zaken. Krause en Vogelzang, Gerzon, Maison de Vries, Lampe...

Altijd hoorde daar een gezellige lunch bij, of koffie met een taartje of poffertjes. 

 

De tearoom van de Bijenkorf lag goed, voor wat betreft warme chocolademelk. 

Mijn moeder poetste dan mijn gezicht schoon met een zakdoekje met een beetje spuug erop. Vieze varkens worden niet vet, zei ze altijd. Ach de hygiëne vroeger was zo anders dan nu. 

 

In de Kalverstraat was een hele grote tearoom, voor deftige dames, Formosa genaamd. 

Daar ging je naar binnen, in de Kalverstraat en naar buiten op het Spui. 

 

De zaak maakte als het ware een hoek en in de ruimte op de hoek zat Fokke en Meltzer. Wat een prachtige serviezen verkochten ze daar. Ik heb er nog wel het één en ander van in de kast. 

 

Naar Formosa ging je om gezien te worden. Mijn moeder zag er altijd uit om door een ringetje te halen en als ik erop terugkijk was ik een soort accessoire van mijn moeder. Onze poedel aan een bijpassend riempje, maakte het plaatje compleet. 

 

We werden altijd bekeken, je voelde de blikken en dan smoesden de dames aan de tafeltjes langs de kanten, achter hun hand. 

Maar als ik nu op internet zoek, lees ik dat de deftige dames daar, jonge jongens voor enkele uren vertier zochten. Dus blijkt maar weer, niet alles is wat het lijkt. Zeker niet in de ogen van een jong meisje. 

 

Het doet mij altijd denken aan de tearoom tango van Wim Sonneveld. 

"Toen ik jou de roze tearoom langzaam binnenschrijden zag, met je kaalgevreten bontjas en je arrogante lach…"

Formosa werd in 1969 gesloten. 

 

Gek, dat ik dat nog weet en dan ook meteen dat liedje erbij. Rietje met haar liedje, daar hield ik ooit een praatje over bij mijn vereniging. 

 

Poffertjes aten we altijd bij de Vami in de Kalverstraat. Nadat we naar de matinee geweest waren in Tuschinski met in de pauze een optreden van een man met een Hammondorgel. Na de collecte voor het BIO-vakantieoord. 

 

Wat was het toch allemaal anders vroeger. Wat hebben mijn ouders veel gedaan met mij. 

 

Ik heb zoveel mooie herinneringen. 

Ook hele nare herinneringen, maar die bedek ik met die mooie herinneringen. 

Ik weet welke herinneringen in de meerderheid waren, maar de nare heb ik geblokt. Ik laat ze niet toe. 

Weg!!!Ksjt!!!

 

Ik denk aan iets moois en zie ons samen door de stad lopen. 

Mijn moeder, de hond en ik. 

Hand in hand in een gelukkig moment, stapje voor stapje op weg naar de toekomst. 

De toekomst waarin ik het vanaf mijn dertigste zonder ouders moest doen. 

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond, 

 

Rietje

 

dinsdag 6 oktober 2020

Zeur Niet!

Lieve vrienden, 

 

Opeens is alles anders. 

Gewoon weer bijna terug bij af. 

De woorden die we op 1 januari om 0.01 uur spraken, zijn wereldwijd zinloos geweest. 

Gelukkig Nieuwjaar, in goede gezondheid. Alles wat wenselijk is.....

 

Gelukkig wisten we het niet. 

Zou ik iets anders gezegd hebben, als ik het geweten had? 

Geen idee. 

 

Want gelukkig ben ik toch gelukkig. Ondanks alle beperkingen van dit moment. Ik ben namelijk altijd gelukkig. Niemand kan mij dat afnemen. 

 

Hoe dat komt? Omdat ik tevreden ben. Met alles wat ik heb of niet heb. 

Ondanks alles wat ik heb meegemaakt. Heb jij iets meegemaakt? Ja! Oh ja? Oh! 

Er zijn mensen die eeuwig ongelukkig zijn, omdat ze ontevreden zijn. 

 

Jaloers op anderen, omdat zij denken iets te missen. 

Mensen die altijd in de slachtofferrol kruipen. 

Mensen, die als ze mijn echte verhaal kennen, niet begrijpen waarom ik toch gelukkig ben. 

 

Weten jullie wat het is? 

Het is je levensinstelling. Toen ik jonger was, was ik een behoorlijke hypochonder. Maar nadat ik vaste klant in het AvL werd, veranderde mijn leven. Ik kreeg er zomaar een andere kijk op. 

Alles bleek opeens een kado te zijn. 

Toen manlief en ik genezen verklaard werden, zag de wereld er mooier uit. 

Oké. Het kwam weer terug, maar toch was alles anders. 

 

De vogels, de bloemen, de bomen, de mensen. 

De kleine dingen in het leven en gelukkig kunnen we ons ook nog wat grotere dingen permitteren. Dat dan weer wel. Maar daar hebben we heel hard voor gewerkt en niet altijd maar gezeurd, dat we geen tijd hadden. Dat was echt wel zomaar we mekkerden een niet over. Dat we elkaar alleen in het weekend zagen? Soit. 

 

Wij genieten tegenwoordig van het leven en waarderen het op een andere manier. 

 

Wij realiseren ons, dat er vaak geen later is. 

Mensen die willen reizen, later, als ze met pensioen zijn. 

Mensen die wel gaan genieten als ze met pensioen zijn. 

Vlak voor hun vijfenzestigste maken ze alles in gereedheid voor het moment waarop het gaat gebeuren. 

En dan…Covid 19!!!!!

Festiviteiten worden gecanceld en daar zit je dan. 

Zuur te wezen omdat niet alles mag. 

In het voorjaar ging het nog, want toen was het nog mooi weer. 

Maar terwijl de regen met bakken uit de lucht komt vallen, is het helemaal niet leuk. 

 

Begint het gezeur over wat er allemaal niet kan. 

 

Pfff. Denk nou een keer aan alles wat wel kan! 

 

Pim Fortuin zei het al tegen een verslaggeefster: Mens, ga koken! 

Dat was weliswaar in een heel andere context, maar hij bedoelde hetzelfde. 

 

Opeens is alles anders. 

 

Probeer daar eens van te maken: Opeens wordt alles anders. 

 

Pak het leven bij z’n kladden. Ga thuis iets leuks doen. Desnoods iets niet leuks, zoals ramen lappen. 

 

Zet gewoon het liedje van Connie Stuart op en blèr het luidkeels mee, want van zingen word je blij. 

 

Maar zeur niet, zeur niet, zeur niet!!!

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond,

 

Rietje 

maandag 5 oktober 2020

Thee drinken

Lieve vrienden, 

 

Toen ik het paddenstoelen recept verstuurd had, bedacht ik dat er ook nog wel gehakte, geroosterde walnoten overheen konden. 

 

Ja, logisch dat je moeite hebt met afvallen, hoor ik jullie denken. 

 

Nou, verrassing: acht kilo eraf. Nog 12 te gaan. 

 

Het ligt er niet aan wat je eet, maar het ligt aan de hoeveelheid en de variatie. 

Als iets heel lekker is, neem dan een hele kleine portie. Krijg je in een duur restaurant ook. 

 

En niet drinken tijdens het eten, maar een kwartier ervoor of erna. Warm water. 

Is lekkerder dan zwaaithee. Je weet wel, van dat water waar met een zakje doorheen gezwaaid is. Heel even, want anders is het te sterk en kun je niet slapen. 

 

Ik vind thee toch vies hoor. Toen ik mijn laatste kop zwarte Pickwick thee dronk, dacht ik: smaakt naar makreelvellen. 

 

Denk er maar aan, als je aan dat kopje slappe hap zit. 

Takkenthee. Ook zoiets. Hoop geld betalen voor een takje munt in heet water. 

Heeft u gemberthee? Krijg je er een stukje ongeschilde gember in het warme water. 

Dat moet geraspt en dan in een theeknijper!!!!Goed voor de maag en de spijsvertering na het eten en heel lekker spicy. 

 

Overigens een vraag van zoon bij een date. Koffie of thee? 

Degene met het antwoord thee valt meteen af. 

Watjes zijn het. Deze mensen roepen ook: “Ik lust geen prik”. 

Of: “Hou niet van scherp eten!” 

 

Dat komt doordat ze van alles niets proefden, toen ze klein waren. Niet voor kindjes!! 

 

Die zaten niet onder de tafel, de glaasjes van de citroentjes met suiker van de tantes leeg te schrapen. Of de advocaatglaasjes leeg te likken. 

 

Ach ja, smaken verschillen. 

Gelukkig heb ik alles leren proeven en heb ik gerechten die hoog op smaak zijn, leren waarderen. 

 

Staan mensen zich de konen rood te snijden voor een gerecht, vergeten ze om het geheel lekker op smaak te brengen. Dat blijft dan staan. Geen bal aan. Laffe hap. 

 

Net zoiets als het zout in de pap vergeten. 

Bordje klap op je wang. 

 

Maar om nog even terug te komen op thee. 

 

Smaakjes thee!!!!!

 

Manlief zegt dan: “Dat is niet om te drinken, dat is handel!”

 

Met hoopvolle groet, 

 

Rietje

 

 

 

zondag 4 oktober 2020

Kerstversiering

Lieve vrienden, 

 

Omdat velen mijn verhaaltjes over vroeger zo leuk vinden, nog maar eens één. 

 

Bij ons thuis kon alles. Altijd. Dag en nacht. 

 

Er waren ook veel jaarlijks terugkerende klussen. 

Zoals het omwisselen van zomer en winterkleding. 

 

We hadden thuis een mottenkast. Een wat???

Een mottenkast. Een kast van een materiaal, dat het midden hield tussen hout en karton. De kast sloot met een schuifdeur van boven naar beneden. 

Daar ging de zuiver wollen chemisch gereinigde kleding in. De bontmantels van mijn moeder gingen in de opslag bij, volgens mij Krause en Vogelzang. 

Een prachtige zaak in de Kalverstraat. 

 

In het najaar gingen de zomerkleren opgevouwen in een grote doos in de kelderkast. Daar stond altijd grondwater in, dus werd de kleding in het voorjaar meestal nog een keer gewassen omdat het muf rook. 

 

De bontmantels werden weer thuisgebracht en in de kast gehangen en de wollen kleding bleef altijd in de mottenkast. Daar haalde je iets uit, als je het aan wilde. 

 Bovenop de kast, stond een grote doos van een Sole Mio deken. Donkerblauw karton, eigenlijk een soort dik papier, met goudkleurige sterretjes. 

 

In die doos zat de jaarlijkse verrassing. Oftewel de Kerstversiering. 

 

Bij ons was het traditie om met Oud en Nieuw een souper te nuttigen. 

Grote saladeschotels van Van Dobbe of van Frits de Ruyter op het Spui. 

 

De tafel werd prachtig gedekt met een fraai damasten kleed, het zondagse servies, en mooie kristallen champagne glazen. Met het tafeldekken begonnen mijn moeder, zuster en ik al om een uur of tien.

Alles mooi opgewreven. Champagne koud. 

En dan even voor twaalf uur werden de, ’s avonds om zeven uur, gehaalde schotels, op tafel gezet. 

Huzarensalade en Russisch ei. Op één van de twee lagen altijd asperges uit een pot. Van die gladde glibberige dingen. 

Uiteraard stond er roomboter in een kristallen schaaltje op tafel en geroosterd brood. In de roomboter had ik met een warm mes golfjes gemaakt. 

Doe ik overigens nog weleens. 

 

Vlak voor twaalf werd de champagne kurk alvast een beetje losgemaakt en om twaalf uur knalde het. Een geraakte vlieg met een deuk eromheen en zoete spetters, sierden lange tijd het gestucte plafond. 

 

Na de goede wensen, mocht er gegeten worden. Als alle buiken rond waren, werd snel afgewassen. Want dan moest de boom eruit. Ramvol verlichting, in van die gekleurde lantaarntjes en de meest mooie ballen. 

 

Wij woonden in een benedenwoning met een schuifraam aan de straatkant. 

Het raam werd opengeschoven en de boom werd, met versiering en al, in een laken, via het open raam naar buiten getransporteerd. De volgende morgen lag hij er nog gewoon.

 

Omdat de hele familie van m’n vader Nieuwjaar kwam wensen, moest de boom snel van de versiering ontdaan worden. Op de stoep werd de hele reut uit de boom gerost en in de Sole Mio doos gepropt. Alles door elkaar. 


De doos werd bovenop de mottenkast geplaatst en de rotzooi vonden we tegen de kerst wel weer. Het laken werd uitgeklopt en ging de linnenkast weer in. 

Niks mee gebeurt zei mij moeder. Alles in elkaar gepropt en in de knoop, maar nog wel heel, kwam het de volgende kerst weer uit de verrassingsdoos. 

 

De lampjes deden het nog en de ballen zagen er ook nog wel goed uit. Zelfs uit het trompetje kwam nog een geluidje. 

 

De Nieuwjaarsdag was het weer feest en van alle neven kreeg ik een nieuwjaar centje. Ik kon daar het hele jaar op teren, dus mijn dag kon niet stuk. 

 

De familie ging rondom dronken de deur uit en mijn vader begon 2 januari altijd met hoofdpijn. 

Mijn moeder moest daar altijd alleen maar vreselijk om lachen. 

 

Ik heb nog een aantal van die oude kerstballen in enkele dozen, met een jaarlijkse verrassing op zolder. 

 

Wie schetst mijn verbazing, toen ik een keer mijn schoonmoeder alle tien de kerstballen uit haar boom, op zag wrijven en keurig in een doosje zag doen. 

Een ware cultuurschok voor mij. 

 

Ach de tijden van toen... en wie weet welke manier van opruimen ik had, mag het zeggen. 

 

Tegenwoordig worden ze keurig in doosjes gestopt, door iemand die het van z’n moeder leerde. Alleen opwrijven???

Daar doen we niet aan. 

 

Over 82 dagen is het kerst!

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond,

 

Rietje 

 

 

zaterdag 3 oktober 2020

Gebruiksaanwijzing

Lieve vrienden,

 

Dringend advies: Mondkapje dragen in openbare ruimtes. 

 

Wat ik van je lang zal ze leven niet gedacht had gebeurt. 

 

De meest mooie, bijzonder modieuze mondkapjes worden door allerlei modehuizen aangeboden. 

 

Ze helpen geen barst, die stoffen frutsels en daarbij weet ik nu al hoe dat gaat. 

 

Kan nog wel een dagje. 

 

En dat is nou precies het probleem. Kan niet nog een dagje. In de was, dat ding! 

Als je zo een zelfgenaaid ding op je neus zet, moet er een filter in. 

 

Een vijflaags filter dat maximaal 12 uur werkzaam is. Dan moet het weggegooid worden. 

 

Dat maakt dat beeldige fashionable mondkapje meteen minder leuk. 

Dan is het niet meer dat beeldige zijden accessoire, nee, dan lijkt het meer op een hondenbroekje voor tijdens de loopsheid. 

Dan moet je dat vieze filter eruit halen en ergens instoppen. 

Tsja, bij maandverband kreeg je van die mooie plastic zakjes. Vette lap erin en hup, in de vuilnisbak. 

Deze mondkapjesfilters (2x de woordwaarde) zijn heel vies. Zitten vol bacteriën en God weet, een heel leger virusdeeltjes.

 

Daar sta je dan met je filtertje. Gewoon effe stiekem in de goot? 

Nee, natuurlijk niet. 

In je tassie? Ah ah. 

In je jaszak? Wordt het nog viezer. Je zou eigenlijk een zakje in je tas moeten hebben. 

 

Tas open, zakje eruit, filter uit het frummeltje en ja hoor, vieze handen!!!!!

Filter in het zakje, zakje dichtknopen (mensen met een hond kunnen dat met hun ogen dicht) 

Flesje desinfecterende gel openmaken, dopje vies. Gel op je ene hand, over dopje wrijven. Flesje met schoon dopje boven de hand uitknijpen, handen wrijven, terug in je tassie.... Je handen reinigen. Tassie dicht. Kleppie van tassie vies. Overnieuw......

Zijn jullie er nog???? Nooit smetvrees gehad natuurlijk. 

 

Godzijdank is het twaalf uur werkzaam, dat filtertje. Wie zit er nou 12 uur met een mondkapje op? 

 

Oké, dan zit je opeens ook met dat loopsheidbroekje nog aan je vinger. 

 

Maar goed dat er een trendy logo op staat, want dat wordt beslist een nieuw accessoire. 

 

Mondkapje met logo?????

 

De één z’n dood is de ander z’n brood. 

 

Mondkapjes logo. Ze moesten zich schamen!!!

 

Geef mij maar zo een blauwe geplisseerde. 

Zeg ik gewoon dat het van Issey Miyake is. 

Zet ik dat er met viltstift op. 

Als dat geen mode wordt???

 

Met hoopvolle groet en blijf gezond! 

 

Rietje

vrijdag 2 oktober 2020

Mondkapje

Lieve vrienden, 

 

Tijdens een bezoek aan de kapper, droeg ik een niet medisch mondkapje. Ik was de enige klant met een mondkapje en werd aangekeken, als ware ik 

“Gekke Henkie”. De kapper deed onmiddellijk een mondkapje op. Met de niet medische mondkapjes valt mijn benauwdheid mee. 

 

Gisteren dwong ik mezelf om naar de bakker en de slager te gaan. Medisch mondkapje mee. 

 

Voor het uitstappen plaatste ik het mondkapje op m’n gezicht. Ik was opnieuw de enige met zo een ding op m’n neus. Niemand keek me vreemd aan. Mensen deden een stapje opzij. 

Ik werd zelfs niet herkend door een vroeger schildermaatje. Gek, hetzelfde effect als een zwart balkje voor de ogen van een crimineel. 

 

Plotseling zag ik een bekende. Zij herkende me wel. Ze had me gemist. Er was toch niets ernstigs? 

Nee hoor. 

 

Haar man is ongeneeslijk ziek en dan schieten woorden altijd tekort, want wat zeg je dan hè. Voor dat soort vreselijke dingen, heb ik nooit woorden paraat. In ieder geval niet de woorden die ik zou willen zeggen. Hoe vaak heb ik zelf al muziek uitgezocht, de tekst voor een kaart bedacht, een draaiboek gemaakt. Als......dan...

 

Onder mijn lezers is ook iemand met een zieke partner. Ze weet dat ik aan haar denk. Maar toch, wat? Als…?Ik vroeg de kennis mijn groeten over te brengen aan haar man, toen een voormalige vriendin van me op me af kwam. 

 

Ik wist niet beter dan dat ze in een GGZ-instelling verbleef. 

Jaren geleden maakten we ruzie. Zij was het vergeten. Of deed ze alsof? Zocht ze menselijkheid, een beetje liefde? Aandacht krijgt ze genoeg van haar kinderen en kleinkinderen. 

 

Inmiddels was ik akelig benauwd geworden door het medische mondkapje, dat ik gekregen had in de pijnpoli. Ik voelde pijn op mijn borst en tussen mijn schouderbladen. 

 

Tegen de voormalige vriendin zei ik: “Kop op, het is vast minder erg dan je denkt”. 

 Nog voordat ik in de auto stapte, had ik het mondkapje al bij de elastiekjes gepakt en afgedaan. Ik legde het in de achterbak van de auto. 

 

Toen ik nog twee kennisjes langs zag lopen heb ik buiten adem gezwaaid. 

 

Mijn nichtje appte: ”Blijf maar lekker binnen, het virus waart hier rond.”

 

In de auto voelde ik, dat ik langzaam maar zeker weer emotioneel incontinent begin te worden. 

 

We zijn in een tweede golf verzeild geraakt en ik hoop dat we niet meegezogen worden door de sterke stroming in de mui. 

 

Lieve vrienden, pas goed op jezelf en blijf gezond. 

Over 84 dagen is het Kerstmis....

 

Met hoopvolle groet, 

 

Rietje

 

 

donderdag 1 oktober 2020

Wie schrijft die blijft

Lieve vrienden, 

 

Niemand heeft het gemerkt, gezien of gedacht. Geen reactie. Nul!! 

Maar gisteren begon ik mijn verhaaltje met:

“Ergens in maart begon ik met het schrijven van mijn Lariekoekjes.”

 

Opeens was de cirkel rond. 

Want ik schreef dat we weer met de gebakken peren achter het virus aanlopen. 

 

Toen ik eergisteren naar OP1 keek, dacht ik dat ik naar een verkiezingsdebat zat te kijken. De regeringspartijen hebben helemaal niet geluisterd naar het OMT en naar RED.

Het OMT moest tekenen bij het kruisje. Mondkapjes verplicht stellen paste niet in het straatje van de regering, dus werd het geadviseerd in plaats van verplicht. 

 

De winkeliers zoeken het maar uit met die mondkapjes en de burgers zitten met perentaart. 

 

Nou gaat het niet alleen om mondkapjes hoor. Als je je gezond verstand gebruikt, blijf je lekker thuis.

Indien mogelijk thuis werken, eten, drinken en vul het maar in. 

Is het nou zo moeilijk? 

Moet je toch weer een bijeenkomst organiseren? Dat kan toch wachten? Je hoeft er de kost niet mee te verdienen. 

 

Er is zeker een jaar voor nodig om weer normaal te kunnen doen. Misschien zelfs langer. 

 

We weten meer over het virus, maar het virus is nog steeds niet te vangen. Het virus danst een macabere dans met ons (Saint-Saëns)

 

Als mensen hun verstand gebruiken en doen wat ze denken dat goed is, zal er een natuurlijk verloop zijn. 

Degenen die zich nergens aan houden worden misschien ziek. 

De kwetsbaren blijven vrijwillig binnen en wachten af. De mensen die het echt niet meer weten, moeten tegen zichzelf beschermd worden. 

 

Laten de grutters van het land, tijd en ruimte creëren voor de kwetsbare ouderen. 

 

Een tijd waarin deze ouderen veilig hun boodschappen kunnen doen. 

Creëer deze ruimte, opdat de sterken hun bedrijf overeind kunnen houden. 

 

Wees wijs. Probeer te doen wat goed is voor jezelf. 

Ik geloof niet in toeval. 

 

Want niemand heeft gemerkt, dat het verhaaltje van gisteren waarin ik zei dat het virus weer om zich heen grijpt, Lariekoekje 200 was. 

Echt waar. 

 

Iedereen hoopte in het begin, dat ik niet zo lang hoefde te schrijven, maar het is gebeurd. 

Degenen voor wie ik in eerste instantie schreef komen weer gezellig bijeen. 

Zonder mij. 

 

Ik heb ervoor bedankt om mijn gezondheid in gevaar te brengen.

Daarmee heb ik deuren definitief dichtgetimmerd en als dochter van een aannemer kan ik dat verdomd goed. 

 

Ik prijs me gelukkig, dat ik geen mensen hoef te zien, om me te vermaken. 

 

Als mij gevraagd wordt om binnen te blijven, zodat bedrijven gered kunnen worden, doe ik dat. 

 

In de afgelopen 200 dagen is er heel veel gebeurd. 

 

Jullie zijn getuige geweest van mijn belevenissen. 

Jullie hebben me beter leren kennen en weten wat ik voel, wat ik denk, wat ik ruik, zie en hoor. 

Jullie wisten niet wie ik was, wat ik was, hoe ik reageer. Nu wel. 

 

Ik heb jullie er deelgenoot van gemaakt in mijn schrijfsels. 

 

Van veel mensen weet ik dat ze het waarderen. Anderen deleten het misschien meteen. Ik weet het niet. 

 

Maar wat ik wel weet is dat ik me beter voel, als ik schrijf en misschien blijf ik nog wel even. 

 

Met hoopvolle groet, 

 

Rietje